De European Milk Board brengt een rapport uit over de lage inkomens van melkveehouders.

Het inkomen in de melkveehouderij staat al jaren onder druk. Dit komt ook duidelijk tot uiting in de kostenstudie ( What is the cost of producing milk?)  die in opdracht van de European Milk Board (EMB) door het Duitse BAL instituut gemaakt werd. De kostprijs van melk werd in 8 Europese landen vergeleken. In 2019 blijkt de Nederlandse melkveehouder 11,79 cent per kg melk tekort te komen op de werkelijke kostprijs (inclusief berekende arbeidskosten), iets meer dan het Europese gemiddelde. In feite werken melkveehouders dus (bijna) voor niets*. Het nieuwe rapport is een belangrijke aanvulling op de Europese Milk Marker Index (MMI) die sinds 2013 gepubliceerd werd maar beperkter is en meestal drie jaar achter loopt. 
published since 2013,

Er is ook een rapport uit over de prijs van biologische melk; het inkomen van de bio-boeren is slechts 34% van vergelijkbare CAO’s . 

Kennis van de productiekosten is een belangrijke vereiste uit zakelijk oogpunt; het zou een instrument moeten zijn in prijsonderhandelingen. Maar melkfabrieken en boeren bereiken meestal geen overeenstemming vooraf. Melkveehouders hebben geen onderhandelingsmacht , ze worden betaald naargelang de bedragen die melkfabrieken over hebben. Als er meer aanbod is dan vraag krimpen de inkomsten voor de boer, maar  melkveehouders kunnen het aanbod niet regelen omdat er geen marktmechanisme is in Europa.

Om dit chronische tekort tegen te gaan vraagt de European Milk Board (EMB) al jaren om een wettelijk geregeld crisis-instrument, het Markt Verantwoordelijkheids Programma. Dat volgt de markt en reageert op marktsignalen, bijvoorbeeld door tijdelijk productiehoeveelheden aan te passen.  Hier vind je een korte beschrijving van dat Market Responsibility Programme van de EMB (EUropean Milk Board). 

* Noot van Hans Geurts, lid van de NMV, Nederlandse Melkveehouders Vakbond) :

  • Het is of lange dagen of veel  uren te maken.Je kunt overleven door bijvoorbeeld geen herinvesteringen te doen, terwijl dat wel nodig is.  In 2020 is het door de corona maatregelen mogelijk geweest de aflossing een half jaar stil te zetten. Dit gaat voor een gemiddeld bedrijf al gauw over 25000,-.  Dit geld kun je dus gebruiken om van te leven, maar als je structureel te weinig aflost heb je op de lange termijn geen mogelijkheden om te investeren in nieuwe machines bijvoorbeeld en bloedt je bedrijf dood. Vanwege het grote eigen vermogen door grondbezit kunnen vooral melkveehouders het heel lang volhouden met lage of zelfs geen rendement, maar op de lange termijn is dat natuurlijk niet houdbaar.

  • Door wereldwijde tekorten zijn de kosten voor grondstoffen voor krachtvoer, brandstof en kunstmest in 2021 enorm gestegen. Een geluk voor de melkveehouderij is dat door tekorten op de zuivelmarkt ook de melkprijs is gaan stijgen. Vooral eind 2021 zijn de zuivelnoteringen en daarmee de melkprijs gestegen. Een stijging die bitterhard nodig is, hopelijk houdt dit prijsniveau voorlopig aan.
Share This