In maart publiceerden de Belgische organisaties Autre Terre, Humundi en Iles de Paix een gezamenlijk rapport ‘What’s new for tomorrow’s international trade?‘, met deze samenvatting.
In het rapport worden, na een grondige analyse, een aantal alternatieven behandeld voor de huidige WTO-regels binnen de landbouw. Hieronder de oproep tot alternatieve multilaterale handelsregels binnen de landbouw gebaseerd op voedselsoevereiniteit, door La Via Campesina.
Tijdens de volgende WTO-top MC 14 van 26 t/m 29 maart in Kameroen, zal aandacht worden gevraagd voor deze alternatieven.
Platform Aarde Boer Consument werkt samen met Humundi binnen de werkgroep Landbouw van het mondiale Our World Is Not For Sale-netwerk.
Uit de inleiding:
‘De internationale handel in landbouwproducten komt tot stilstand. De Wereldhandelsorganisatie (WTO) is verlamd en kan geen evenwicht vinden tussen ontwikkeling, voedselzekerheid en eerlijkheid. Bovendien schudden de dreigementen van president Donald Trump de multilaterale structuur die na de Tweede Wereldoorlog is opgebouwd, door elkaar.
Onder deze omstandigheden is het van cruciaal belang om manieren te vinden om de impasse in het huidige multilaterale systeem te doorbreken. Dit nieuwe rapport, “Wat is er nieuw voor de internationale handel van morgen?”, kaart een structurele vraag aan: welk multilateraal kader zou de WTO kunnen vervangen om eerlijkere en duurzamere handel in landbouwproducten te realiseren?
Aan de hand van twee concrete alternatieven die dit jaar zijn ontwikkeld, de Overeenkomst inzake Landbouw Herzien en het alternatieve handelskader gebaseerd op voedselsoevereiniteit, bespreken we hoe deze alternatieven de handel in landbouwproducten kunnen hervormen, de transitie naar duurzame voedselsystemen kunnen versnellen en schetsen we mogelijke oplossingen om uit de sleur van het huidige multilateralisme te komen.
De 14e ministeriële conferentie, die van 26 tot en met 29 maart plaatsvindt in Yaoundé, Kameroen, biedt de WTO een kans om een wezenlijke koerswijziging door te voeren en rekening te houden met de eisen van het maatschappelijk middenveld. Deze publicatie beoogt een bijdrage te leveren aan deze reflectie.’