Vlamingen ‘verbaasd’ over Nederlandse NGO’s. En: film over soja, garnalen en boontjes.

 Ze zijn dan verbaasd over de steun aan de Ronde Tafel voor Verantwoorde Soja (RTRS) van enkele belangrijke Nederlandse ontwikkelingsNGO’s en milieuorganisaties. Zie onder voor hun Open Brief.  Ze roepen hun Nederlandse collega’s ICCO, Both Ends, IUCN-Nederland, Stichting Natuur en Milieu, Solidaridad en Wereld Natuur Fonds ter verantwoording over hun deelname aan de Ronde Tafel voor Verantwoorde Soja (RTRS). Ze roepen hen op om hun steun aan “verantwoorde” RTRS-soja te heroverwegen.

Ondertussen is de campagne Gifsoja.nl in Nederland begonnen om deze kwestie ‘live’ aan te kaarten door het uitdelen van pamfletten tijdens bijeenkomsten rondom duurzaamheid.
Zie ook de  weblink op ‘supermacht

In de nieuwe documentaire SMAKELIJK ETEN is soja een van de drie onderwerpen, zie<http://www.smakelijketendefilm.com> . Met steun van o.a. ICCO onderzocht Walther Grotenhuis de herkomst en gevolgen van drie producten: soja (als basis voor veevoeder) uit Brazilië, garnalen uit de Filippijnen en diverse boontjes uit Kenia. Parallel aan dat verhaal zien we hoe deze producten worden bereid in een dinerbuffet voor een personeelsfeest.

We zijn benieuwd….  Het debat over ons voedsel wordt vervolgd…..

Vanaf 10 maart 2011 te zien in de filmtheaters

==================================================

BRIEF VAN VLAAMSE  NGO’S:

Zie het bericht op 4 feb, in www.dewereldmorgen.be:

Geachte directies en medewerkers van ICCO, Both Ends, IUCN-Nederland, Stichting Natuur en Milieu, Solidaridad en Wereld Natuur Fonds.

Belgische Noord-Zuid- en milieuorganisaties volgen de ontwikkelingen rond de Ronde Tafel voor Verantwoorde Soja (RTRS) al een aantal jaren met kritische blik en groeiende bezorgdheid. We hebben dan ook met verbazing kennis genomen van uw steun aan dit initiatief.

De grootschalige teelt van soja voor export als agrobrandstof en veevoer is bijzonder schadelijk voor mens en natuur in de productielanden en voor het klimaat in zijn geheel. Internationaal gezien spreekt het verdwijnen van het Amazonegebied in Brazilië tot de verbeelding, maar ook de Braziliaanse Cerrado (soortenrijke savanne) staat er zwaar onder druk.

De ontbossing en de vernietiging van het ecosysteem is er momenteel drie keer zo hoog als in het Amazonegebied. Ook in landen als Argentinië en Paraguay is het duidelijk dat sociale uitsluiting van hele bevolkingsgroepen samen spoort met de ecologische ravage.

Wij zijn van mening dat met de RTRS-criteria geen sprake is van ‘verantwoorde’ soja, maar juist van een legitimatie van een onduurzaam productiesysteem, namelijk de grootschalige teelt van herbicideresistente gewassen. Deze aanpak zet de kritische consument op het verkeerde been. Het vertraagt bovendien andere benaderingen zoals het afremmen van de intensieve veehouderij en de overschakeling op lokaal geproduceerd veevoeder.

Daarom ondertekenden veertien Belgische organisaties en platforms in juni 2010 de vijfde internationale verklaring tegen de RTRS, samen met 230 andere organisaties wereldwijd. 

De belangrijkste redenen genoemd in die verklaring, waarom de RTRS geen steun verdient, zijn:

– de RTRS-criteria gaan de ontbossing niet tegen;
– het ‘verantwoord’ verklaren van een onduurzaam productiesysteem van genetisch gemanipuleerde (RoundupReady) soja;
– geen bescherming van de lokale bevolking tegen de uitbreiding van de sojaproductie, of tegen het grootschalig spuiten met Roundup en andere pesticiden;
– nagenoeg geen maatschappelijk draagvlak voor dit initiatief, zeker niet in de productielanden.

Daarbij vragen wij ons zeer sterk af of het terecht is dat de RTRS aanstuurt op het verkrijgen van klimaatsubsidies binnen het REDD-initiatief van de UNFCCC (VN-panel van klimaatexperts), en indirecte steun via de veelbekritiseerde EU-biobrandstoffenrichtlijn.

We hebben kennis genomen van uw brief, gestuurd op 17 juni 2010 aan een groot aantal Nederlandse sojaverbruikers, o.a. de leden van de Taskforce Duurzame Soja. In die brief zegt u:

“De standaard is wat ons betreft nog niet ideaal, maar een goed begin. Om RTRS tot het gewenste succes te maken, is er nog veel nodig. Zo moet er in onze ogen binnen RTRS een aparte non-GMQ-certificering komen. Nu de RTRS-standaard is vastgesteld, moet deze zo snel mogelijk in de praktijk worden gebracht en moet er dus een markt voor RTRS-soja op gang komen, zodat producenten ook daadwerkelijk gestimuleerd worden aan deze standaard te voldoen.”

“Als deelnemers in de Task Force Duurzame Soja en het Initiatief Duurzame Soja heeft u zich reeds gecommitteerd om in 2015 100 procent verantwoorde soja te gebruiken. Wij roepen u op om aanvullend daarop dit jaar nog een tijdgebonden stappenplan 2011-2015 te presenteren om uiterlijk in 2015 100 procent verantwoorde soja te gaan gebruiken.”

De ondertekenende organisaties vragen zich af waarom uw organisatie dergelijke steun aan de RTRS betuigen.

Opmerkelijk is dat IUCN-Nederland en Stichting Natuur en Milieu (samen met Cordaid, Oxfam-Novib, Milieudefensie en Fairfood) op 20 februari 2009 nog een brief ondertekenden waarin zij concluderen dat:

“In de huidige vorm zijn wij van mening dat de RTRS niet bijdraagt aan de toekomstige verduurzaming van de sojaproductie en -handel, en ook niet aan de beleidsdoelstellingen ten aanzien van armoedebestrijding, duurzame ontwikkeling en biodiversiteitsbescherming van de Nederlandse overheid.”

De RTRS-criteria zijn sindsdien niet verbeterd. Het ontbossingcriterium is verder afgezwakt en voor de rest is niets wezenlijks veranderd.

Ook in België hebben we al enkele jaren te maken met een sterke RTRS-promotie. Een aantal NGO’s vergaderden geruime tijd in het kader van de ‘Focusgroep Maatschappelijk Verantwoorde Diervoederstromen’ met de mengvoederkoepel BEMEFA, Imexgra, de Belgische Boerenbond, de grote retailers verenigd in COMEOS, e.a.

De Focusgroep is van tijd tot tijd een verruiming van het ‘Platform Maatschappelijk Verantwoorde Diervoederstromen’. Het onderscheid tussen beide groepen is een bron van veel misverstand in België en vooral internationaal. De NGO’s die aan de focusgroep deelnemen, hebben zich steeds verzet tegen het opgedrongen kader van de RTRS.

Ook in Vlaanderen/België wordt de RTRS zowel door de industrie als door de overheid gebruikt om het debat te smoren en om ondertussen de enorme veevoeder- en vleesbelangen veilig te stellen. Ondertussen lanceerde BEMEFA nog een eigen lastenboek met nóg zwakkere criteria. Vrijwel dezelfde benadering zien wij overigens in het ‘duurzaamheidsprogramma’ van Unilever.

Een ‘verantwoord’ RTRS-label voor bulksoja doet niets substantieels voor mens of milieu. Het misleidt wel de consument, die producten koopt van de bedrijven die meedoen aan de RTRS; ook in België. En het biedt een greenwash voor bedrijven als Monsanto, Cargill en Unilever.

We hopen van harte dat uw organisaties de steun aan ‘verantwoorde’ RTRS-soja wil heroverwegen.

 

Jan Vannoppen, directeur VELT
Leen Laenens, directeur BioForum
Jean-Pierre De Leener, beleidsmedewerker NGO-koepel 11.11.11.
Luc Vankrunkelsven, medewerker Wervel en Brazilië-expert
Lies Couckuyt, medewerker landbouwwerkgroep JNM
Thierry Kesteloot en Saar Van Hauwermeiren, Oxfam-in-België
Lieve Dekinder, Friends of the Earth, Vlaanderen en Brussel
Jo Dalemans, beleidsmedewerker Rurale Ontwikkeling, Broederlijk Delen
Johan Bosman, KWIA

 

Share This